22 juli 2018

Fietsblog OVK-15: Rustplaats Graefenthal

Graaf Otto II van Gelre stichtte in 1248 op verzoek van zijn vrouw Margaretha van Kleef het klooster in Graefenthal. Om te garanderen dat nonnen tot in de eeuwigheid voor hun beider graven zouden zorgen. Bij de bezetting van het gebied door de Franse legers werd het klooster echter in 1802 gesloten. Napoleon had religie per decreet afgeschaft. De zorg voor de graven is sindsdien in wisselende handen komen te liggen, mede doordat de meest betrokken hoeders van het erfgoed van Gelre zich inmiddels over de grens in Nederland bevinden. Mischien dat wij Gelderlanders die zorg op ons kunnen nemen, door gewoon wat vaker naar het kloostercafe in Graefenthal te gaan, alleen om de taart en het bier al.

Bij het fietsen van de 43 routes die samen de fietsroute langs de grens van Gelre vormen, ben ik enkele keren fout gefietst. Maar altijd zorgde ik ervoor dat ik via de kortste weg weer op de juiste route kwam. Dat is dankzij de vele informatieborden van het knooppunten-fietsroutenetwerk een peulenschil. Ik besluit nu om bewust van de route af te gaan wijken. Ik wil de laatste kilometers van mijn rondrit door het prachtige bos afleggen dat hier zo aanlokkelijk boven het dal uitsteekt. Het Reichswald was vroeger nog veel groter dan het nu eigenlijk naar Hollandse maatstaven nog steeds is. In de periode dat het Hertogdom Gelre met het Hertogdom Kleef om dit Reichswald kibbelden was het bos bovendien donker en dicht. Wat we nu zien is productiebos, maar wel eentje van de allermooiste soort. De jongere bomen worden op tijd gekapt, waardoor het bos uitgedund wordt. Enkele bomen krijgen hierdoor voldoende licht en de ruimte om uit te groeien tot mooie grote bomen. Bomen die recht genoeg zijn om er planken uit te zagen. Het bos is ook een vorm van extensieve veeteelt. Midden in het bos zijn grasvelden in lange stroken aangelegd, die keurig worden gemaaid, zodat het gras aantrekkelijk kort is voor reeën en edelherten. De grasvelden kruizen elkaar en in de oksels van de kruisingen staan jachthutten op hoge poten. Jagen om aan vlees te komen, vind ik minder dieronvriendelijk dan het vetmesten van varkens en kippen in anonieme grijze boxen. Daar ligt bij mij eerder een biologische grens. Misschien een mooi thema voor het volgende erfgoedfestival: landbouw en veeteelt toen, nu en in de toekomst?

Terwijl ik door het Reichswald fiets hoor ik alleen wat vogels, maar zie verder geen groot dier. Het is ook veel te warm vandaag, de dieren houden siësta. De enige zoogdieren die zich wel in het zweet werken zijn de racefietsers die zich over het enige geasfalteerde pad door dit woud omhoog worstelen. Ik besluit op een andere manier dit prachtige bos te gaan bekijken. Hier is immers ook de laatste grote veldslag van het Westerse front gevoerd, een slag die in de koude winter van 1945 wel geleverd moest worden nadat bij Arnhem een snelle doorsteek naar Duitsland was mislukt. De gevechten in het bos, dat bovendien richting het Duitse binnenland steeds verder oploopt, waren gruwelijk. Er zijn bij deze slag 23.000 geallieerde en 38.000 Duitse soldaten gesneuveld. Ik ga in het bos op zoek naar sporen van deze strijd. Na anderhalf uur rondfietsen valt me een uitgegraven sleuf op die aan de rand van een afgevlakt stuk bos ligt. Net nadat ik besloten heb dit stukje bos eens goed uit te kammen, valt mijn oog op een verroest metalen voorwerp dat op een boomstronk ligt. Uit de hoeveelheid roest die van het voorwerp in het mos op de stomp is gevallen, leid ik af dat dit voorwerp hier al heel lang ligt. Het is een tentharing van enorme proporties, eentje die ook gebruikt kan worden om prikkeldraad mee vast te zetten. Dit dode voorwerp brengt mij een stukje dichter bij de oorlogsgeschiedenis die in dit bos geschreven is. Voorwerpen hoeven niet perse mooi of bijzonder te zijn, om herinneringen te doen herleven. Maar het vraagt wel om iemand die zo attent is om het voorwerp hier neer te leggen, zodat ook ik in de sensatie van de vondst kan delen. Dat is erfgoed.

 

Zelf deze route ontdekken?

Bovenstaande blog gaat over traject 15 van de route Fietsen over Grenzen. Dit traject loopt van Asperden naar Mook. Lees meer over dit traject.

 

Geschreven door Marc Beek

Marc Beek Mijn naam is Marc Beek (54 jaar, Harderwijk) en ik ga Fietsen over Grenzen. Ik ben een ervaren vakantiefietser, dus weet mijn tempo aan te passen aan de schoonheid van het landschap en de bezienswaardigheden op de route. Al fietsend ga ik op zoek naar de geschiedenis van toen en dat in woord verbinden met het leven van nu. Want die grens uit het verleden vormde dan wel ooit een barrière, vaak was het ook een aanmoediging om grenzen te verleggen.

Deel deze pagina op social media: