10 juli 2018

Fietsblog OKW-11: Grenskastelen in Duitsland

Net als mijn vader ga ik me aan kleine dingen ergeren als ik moe word. En het niet in mijn eigen bed slapen, vermoeit me zeer. Vooral als een onderkomen duidelijk de beste tijd wel gehad heeft. Hier in Duitsland slaap ik in Familiehotels, in de jaren vijftig ingericht toen de bevolking nog in de Heimat op vakantie ging. Mede omdat Duitsers elders even niet welkom waren. Nu ben ik soms de enige gast in het hele hotel. Inchecken gaat makkelijk, ik krijg direct alle sleutels. Was ik jonger geweest dan had ik de kans gepakt om de bar als zelfbediening te gebruiken, nu blijf ik netjes op mijn eigen kamer. Er moeten stukjes geschreven worden.

Kleine dingetjes waaraan ik me in toenemende mate stoor is bijvoorbeeld de straatriolering. Die zit hier in Duitsland niet aan beide zijkanten, zoals bij ons, maar in een gootje midden in de weg. Op zich een slimme constructie, maar de Duitse putten zijn open, ze hebben geen zwanenhals, waardoor de rioollucht ongehinderd op kan stijgen naar mijn gevoelige neusgaten. Iets anders waarbij ik me onprettig ga voelen zijn de honden die hier de woningen beschermen. De eigenaren zijn naar elders om te werken en laten de honden loslopen in de grote tuinen rond de grote huizen. Natuurlijk neem ik het de honden niet kwalijk dat ze aanslaan als ik rustig peddelend passeer. Daar zijn ze voor, maar ik schrik elke keer weer. En tenslotte kan ik hier in Duitsland maar weinig historische gebouwen van dichtbij bekijken of bezoeken. De twee kastelen die ik vandaag had willen bezoeken waren beide privébezit. De ene was in gebruik als chique restaurant met beperkte openingstijden. De andere, het kasteel aan de Krickensee, is een religieus studiehuis geworden. Terwijl ik juist had besloten als het ook een restaurant zou zijn ik er zou gaan eten, hoe duur het ook zou worden. Volgens het informatiebordje blijkt dat van het kasteel bedroevend weinig origineels over is van toen het in 1250 gebouwd werd door de Graaf van Gelre. Op de strategische locatie langs het water na dan, dus eigenlijk mis ik niets.

Het toppunt van ´Privat: Eintrit Verboten´ kom ik op de Allee tegen die op fraaie wijze naar het kasteel aan de Krickensee loopt. Het is een smal stuk land, inmiddels begroeid met oude bomen, die als een strekdam het meer in tweeën snijdt. De dam is meer dan een kilometer lang en om de paar honderd meter is er een steiger gebouwd die het meer inloopt, waarop je vrij uitzicht over het water en de daar levende vogels hebt. Aan de kop van elke steiger zijn zijdelings kleinere steigers gebouwd, die als stek om te vissen dienen. Die plekken zijn verschanst achter twee deuren, waarvan er een is voorzien van hangslot en prikkeldraad. Ik tel in totaal vier bordjes waarop in verschillende bewoordingen staat dat dit privé visplekken zijn. Wat de toegevoegde waarde van die zijsteigers ten opzichte van de hoofdsteiger is, ontgaat me volkomen. Het lijkt wel alsof men het vooral nodig vindt om eigen grond te claimen, ook visgrond, om er verbodsbordjes bij te kunnen plaatsen. En dat is jammer. Gelukkig vallen me in Duitsland ook positieve zaken op. Zo is het aantal senioren dat in deze regio nog tot op zeer respectabele leeftijd fietst hoog. Dit komt doordat ze hier op de veel stabielere driewieler fietsen, iets waar in Nederland niet iedereen op gezien wil worden. Als ik de leeftijd van de allersterksten mag behalen, dan zal ik met plezier blijven fietsen, op zo’n driewieler.

Dit was voorlopig mijn laatste blog. Ik ben zzp-er en dat betekent dat om werk te hebben, ik dit zelf moet zien te vinden. Dat zoekwerk doe ik normaal naast het uitvoeren van een opdracht, maar vanaf de fiets lukt me dat natuurlijk niet. Vlak voordat het erfgoedfestival eindigt op 22 juli, zal ik mijn ronde van Gelre weer oppakken. Zodat ik mooi op de laatste festivaldag de laatste kilometers kan afleggen. Tot later.

 

Zelf deze route ontdekken?

Bovenstaande blog gaat over traject 11 van de route Fietsen over Grenzen. Dit traject loopt van Hariksee naar Krickenbeck. Lees meer over dit traject.

 

Geschreven door Marc Beek

Marc Beek Mijn naam is Marc Beek (54 jaar, Harderwijk) en ik ga Fietsen over Grenzen. Ik ben een ervaren vakantiefietser, dus weet mijn tempo aan te passen aan de schoonheid van het landschap en de bezienswaardigheden op de route. Al fietsend ga ik op zoek naar de geschiedenis van toen en dat in woord verbinden met het leven van nu. Want die grens uit het verleden vormde dan wel ooit een barrière, vaak was het ook een aanmoediging om grenzen te verleggen.

Deel deze pagina op social media: