Rob van Oijen

Meanderend door de tijd

De billen naar achteren, lichtgebogen knieën, de handen gevouwen naar voren gericht. Die Badende – de zwemster – wacht op het fluitje om de Berkel in te duiken.

Het beeld met het felrode badpak en de blauw/gele badmuts is sinds 2011 onlosmakelijk verbonden met de rivier, die stroomt van Billerbeck (Duitsland) tot Zutphen. Een stroom met talloze gedaantes, die nu samenkomen in de expositie Berkel in Beeld in Museum STAAL.

STAAL dankt de laatste twee letters van haar naam aan het plaatsje Almen: een klein Gelders dorpje met ruim 1.000 inwoners en tevens standplaats van het museum. De eerste drie letters verwijzen naar de landbouwkundige en dichter A.C.W. Staring (1767 – 1840). “De basis van onze tentoonstellingen is altijd Staring”, legt directeur Pien Pon uit. “Onze vaste tentoonstelling is aan hem gewijd. In de tijdelijke exposities koppelen we zijn werk aan verhalen uit de Achterhoek. Van geschiedenis tot sagen.”

A.C.W. Staring (1767-1840)

Landheer Staring

Zo ook bij Berkel in Beeld. Het riviertje komt enkele keren aan bod in Starings gedichten. Maar hij was ook landheer en woonde in kasteel De Wildenborch in Vorden. In die gedaante hield hij zich bezig met de inrichting van zijn landgoed. Het gebied was een en al moeras. “Dat moest landbouwgrond worden”, vertelt Pon. “Al het water werd naar de Berkel geleid om het gebied droog te krijgen.” De Berkel werd een belangrijke stroom voor de afwatering van zijn gebied.

Kasteel De Wildenborch

Hanze

Dat was niet de eerste keer dat de rivier cruciaal was in de vorming van de regio. Terug naar de tijd van de Hanzesteden, en in het bijzonder Zutphen. Vanuit het oosten – het huidige Duitsland –  voeren ondiepe schepen, zogenaamde zompen, met goederen richting het westen. Met als eindbestemming dus Zutphen.

De zompen vervoerden met name boomschors en sterke drank. Pon: “In die tijd dronk je eerder alcohol dan water. De wateren werden namelijk gebruikt als riool, daar wilde je niet uit drinken. De boomschors was bedoeld voor de leerlooiers. In combinatie met urine werd de schors gebruikt om het leer te bewerken.”

Stroom

De handel heeft veel invloed gehad op het verloop van de Berkel. “Al die bochten waren onhandig voor de scheepvaart, dus werd de rivier op veel plaatsen rechtgetrokken”, vertelt Pon. “Dat is inmiddels allemaal al weer aangepast, eigenlijk vanaf de tijd dat er spoorwegen kwamen en het Twentekanaal werd gegraven.” De Berkel verloor zijn functie als handelsroute. Het kwam steeds vaker droog te staan, dus werden er stuwen in gebouwd. Pon: “En nu zijn we eigenlijk terug bij de oorspronkelijke, natuurlijke en meanderende stroom.”

Toerisme

En dat is direct de reden dat Die Badende sinds deze eeuw overal opduikt. “De voluptueuze dame staat symbool voor de huidige functie van de Berkel: toerisme”, zegt Pon. In de Berkel kan je kanoën, waterfietsen, zwemmen. Het wordt er zelden dieper dan ik-kan-mijn-voeten-nog-zien-niveau.

Dat begon in de vroege twintigste eeuw. “Bij de oorsprong van de rivier was destijds een buitenzwembad. De laatste jaren is het water steeds schoner geworden.” Ook Pon maakt daar dankbaar gebruik van: “Ik zwem er ‘s zomers zeker elke week wel in!”

En plein air impressioniste Sonja Brussen schildert voor de tentoonstelling de Berkel uit diverse hoeken. Plein air verwijst naar het ter plaatse, in de vrije natuur vastleggen van het betreffende onderwerp. De nadruk ligt op het spel met daglicht.

Museum STAAL

Pien Pon is de museumdirecteur en conservator van STAAL. Eerder gaf ze toneellessen op scholen, was ze galeriehoudster en zette ze een bibliotheek op met oude kinderboeken. En dan studeerde ze ook nog voor binnenhuisarchitect. Al twintig jaar woont ze in Almen – ook gelegen aan de Berkel -, waar ze inmiddels op verliefd is geworden. Daarom wilde ze iets terugdoen voor het dorp met de oprichting van haar museum.